Zindelijkheid bij kinderen met een visuele en meervoudige beperking

Gepubliceerd op: 06 maart 2015

Door: Masoud Salavati, Koninklijke Visio

Visio De Heukelom biedt wonen en dagbesteding aan kinderen en jongeren met een visuele en meervoudige beperking. Levensgeluk, ontplooiing en participatie staan centraal. Sommige kinderen wonen er permanent, maar er zijn ook tijdelijke woongroepen. Soms heeft een kind met een visuele en meervoudige beperking vanwege de jonge leeftijd extra begeleiding en ondersteuning nodig. Het Kindercentrum biedt deze behandeling en dagbesteding aan kinderen van nul tot en met twintig jaar. Naast expertise op het gebied van visueel functioneren in relatie tot activiteiten in het dagelijks leven wordt hier ook aandacht besteed aan vaardigheden zoals de zindelijkheid.

Omschrijving van de Zindelijkheid 
De zindelijkheid kan worden omschreven als het vermogen een lichamelijke sensatie, namelijk blaasdruk of rectumdruk, te onderkennen ten opzichte van een bestaande achtergrondsensatie en deze sensatie van druk te laten volgen door een keten van gedragingen, zoals een toiletruimte zoeken, zich van de nodige kleding ontdoen, op het toilet gaan zitten, daarop urineren dan wel defeceren (ontlasting hebben), zich verschonen, doorspoelen en na hygiënische maatregelen uitgevoerd te hebben de kleding weer aantrekken, de handen te wassen en de toiletruimte verlaten.

Volgens deze omschrijving kan een klein percentage kinderen met een ernstige visuele en meervoudige (verstandelijk en motorische) beperking hieraan voldoen. Toch zal het aanleren van een deel van deze totale vaardigheid bijdragen aan de zindelijkheid van een kind. Het beheersen van een deel van deze totale vaardigheid kan vanuit sociaal, – emotioneel en motorische perspectief bijdragen aan een positieve ontwikkeling van het kind en zijn eigenwaarde. Vanuit de wens van het kind (-systeem) is de multidisciplinaire (ouders, begeleiding, gedragswetenschapper, AVG, paramedici) benadering voor een accurate diagnostiek en interventie is hierbij van groot belang.

Een aantal tekenen en voorwaarden die kunnen duiden op het starten met de zindelijkheidstraining, zijn: 

  • het kind is op het gebied van zijn grote motoriek in staat om zelfstandig te gaan staan of te gaan zitten;
    de stoelgang van een kind is regelmatiger en voorspelbaarder geworden;
  • het kind ontwikkelt een zintuiglijk besef. Het kind lijkt te weten dat hij plast of poept of voelt dat hij nat of vies is;
  • het kind kan zijn aandacht een aantal minuten achter elkaar op een opdracht richten;
  • het kind kan in zijn eigen woorden of met mimiek vertellen dat hij gepoept of geplast heeft;
  • het kind heeft afkeer voor het nat zijn ontwikkeld;
  • het kind is nieuwsgierig naar het toilet;
  • het kind heeft de “negatieve” ontwikkelingsfase, de nee-fase, grotendeels achter de rug.

Een aantal tips voor de zindelijkheidstraining bij kinderen met onder meer een visuele beperking: 

  • creëer een veilige plek, zorg voor extra veiligheid in die ruimte, zorg ervoor dat er geen afleidende factoren in die ruimte zijn, een goede en ontspannen zithouding naast adequate zitvoorziening behoren tot een aantal basale voorwaarden. Een kind met visuele beperking zal moeite hebben met het vinden van de weg naar het toilet. De afhankelijkheid van het kind met een visuele beperking kan langer of blijvend zijn.
  • naast het mondeling aangeven dat het tijd is om naar de wc te gaan kan ook gebruik worden gemaakt van een tastbare ‘verwijzer’. Een verwijzer is een communicatiehulpmiddel waarmee de begeleiding en het kind naar elkaar toe iets duidelijk kunnen maken. Dit kan bijvoorbeeld een foto van een toilet of een lege wc-rol zijn. Deze foto of wc-rol krijgt dan de betekenis van het naar het toilet gaan c.q. op het potje moeten.
  • de factoren die het effect van training kunnen beïnvloeden zijn onder andere: het niveau van sociaal functioneren, de kalenderleeftijd en de nazorg.
  • soms kan, ondanks de langdurige en intensieve begeleiding, het niveau van klokzindelijkheid het hoogst haalbare doel zijn.

Praktische tips
Het is moeilijk om precies te voorspellen op welke momenten van de dag het kind een gevulde blaas heeft. Het enige tijdstip van urineren dat meest betrouwbaar te voorspellen is, is ’s morgens direct na het opstaan. Om toch bij het kind na te gaan wanneer hij plast en drukt/perst kun je het volgende doen. Doe het kind een dag geen luier om. Je ontdekt dan hoe lang het kind achter elkaar droog blijft. Ook kun je het kind een dag lang om het uur verschonen. Op deze manier merk je op welke tijden het kind plast. Veel kinderen zullen direct na het eten hun luier nat maken. Dat is dus een goede tijd om het kind op de postoel te zetten. Bij de groep kinderen die veel last hebben van de ernstige vorm van reflux is de transfer na het eten of drinken gecontra-indiceerd. In algemeenheid kun je zeggen dat het kind ruim een uur lang schoon en droog moet kunnen blijven, wil je met de zindelijkheidstraining beginnen. Uiteraard zijn meer factoren zoals epilepsie of het gebruik van medicatie die een belangrijke rol spelen in het proces van zindelijkheid van het kind met een visuele en meervoudige beperking.

Het ondersteunen van deze groep kinderen en jongeren op het gebied van zindelijkheidstraining dient multidisciplinair plaats te vinden.

 

 

Steun het Platform EMG en word ook donateur!