In het OV met ZO’N KIND

Gepubliceerd op: november 2015 - door: Leonie

Met Nur in de het OV maak je nog eens wat mee. Rustig en anoniem in je comfortzone verdwijnen, is er niet bij. Zo kreeg ik een keer op mijn kop van een buschauffeur omdat ik voor ons tweeën incheckte. Keihard riep hij me door de bus na: “Dat is voor ZO’N KIND toch niet nodig!” Behalve dat ik me wat ongemakkelijk voelde bij al die aandacht, klopt het niet eens. 

Of de treinrit van 2 uur waar de enige rolstoelplek zich in de stiltecoupé bevindt. Leg dat maar eens uit aan je EMG dochter die net dan enthousiast op haar manier praatjes maakt. En trouwens, ik had de samenloop van omstandigheden zelf ook pas door, toen enkele medepassagiers ons steeds grimmiger aan begonnen te kijken.

Ook recent was het weer prijs. Terwijl we in een volle bus staan, komt er een meneer naar ons toe. Op plechtige toon spreekt hij me toe: “Mevrouw, ik vind het knap dat u voor ZO’N KIND zorgt”.

Ik krab me even achter de oren. Nu ben ik uiteraard niet te beroerd om een welgemeend compliment in ontvangst te nemen, hoe onaardig ook aan het adres van mijn dochter. Dus zeg ik maar bleu: “Ja, zij is mij dochter”. Stoïcijns herhaalt hij plechtig zijn compliment. En ik vertel nog maar een keer hoe de vork in de steel zit.

“Ja”, zegt hij dan doodkalm: “dat bedoel ik nu. Dat heeft mijn moeder nooit gedaan”. Ik bedank voor hem het compliment, maar ben nu helemaal confuus. Kies ik de kant van zijn moeder of van hem? Gelukkig is beide niet nodig, want meneer is op zijn halte van bestemming. Maar hij laat me wel met vragen achter.

Steun het Platform EMG en word ook donateur!