De andere kant van de participatiesamenleving

Gepubliceerd op: november 2014 - door: Leonie

Dagblad Trouw meldt heuglijk nieuws. Dit jaar op Prinsjesdag viert de participatiesamenleving haar eerste verjaardag. Een goede zaak, als je de wereld tenminste door een roze bril bekijkt. De participatiesamenleving heeft bovendien nog een andere kant.

Zo ontmoette ik een tijdje terug een jongeman in een rolstoel. We bespraken het wel en wee van het bijzonder zijn. Met twee dingen had hij moeite. Dat hij door de gewone mens wordt bejegend alsof hij niet tot 10 kan tellen. En dat in zijn kersverse studentenstad voor hem belangrijke gebouwen niet toegankelijk zijn.

Vanaf dat moment realiseer ik me dat leven met een gezond verstand, maar in een rolstoel, nog meer beperkingen kent dan ik ooit voor mogelijk had gehouden. Hoe zo “participatiesamenleving” als je niet mee kunt doen, terwijl je juist zo graag wilt?

Verschil tussen heel bijzonder en gewoon
Dat die onbereikbaarheid voor de EMG doelgroep eens te meer geldt, is duidelijk. De doelgroep is heel klein. Ik begrijp het wel. En de verschillen tussen wel heel bijzonder en gewoon zijn erg groot. Maar dat maakt participeren wel lastig.

Om maar  een voorbeeld te noemen. Zelfs wanneer je in een “top of the bill” rolstoelvriendelijk gebouw binnenkomt, zit je nog met een probleem. Om het beestje maar bij zijn naam te noemen: als je in je broek gepoept hebt, dan heb je met spoed minimaal een tafel of bed nodig om je luier te laten verwisselen. Met een set beugels en een lage wastafel schiet je dan helemaal niets op.

De andere kant van de participatiesamenleving
Ooit moest ik mijn dochter  verschonen in het kantoor van een stichting, die er is om kinderen met beperkingen beter te laten participeren in de samenleving Toen zelfs dáár elke faciliteit in die richting ontbrak, wist ik het heel zeker.

De andere kant van de participatiesamenleving verdient ook wel eens een plek in de Troonrede.

Door: Leonie

 

Steun het Platform EMG en word ook donateur!