Continu-rooster

Gepubliceerd op: november 2011 - door: Linda Bruins Slot

We zitten nog aan de ontbijttafel. De tassen staan al klaar, de snuitjes zijn gepoetst.

Eens in de zoveel tijd moet er gelogeerd worden. Dat vinden opa en oma. Dat vinden de jongetjes zelf. En ja, dat vinden ook papa en mama. Wij houden van onze 3 ventjes, maar ook van rust. En dat gaat in de regel niet samen. Altijd geluid, meer of minder vrolijk, en er wordt voortdurend een beroep gedaan op je aandacht en tijd. Soms wil je dat even niet! En dan hebben we het nog niet eens over uitslapen, shoppen, of uit eten gaan, zomaar een aantal activiteiten uit de good old times. We geven met liefde wat voorrechten op voor ons gelukzalige gezinsleven, maar hebben soms even een adempauze nodig. En met de immer op kleinkinderen azende grootouders op een mini-boerderij binnen redelijk autobereik, is die mogelijkheid best regelmatig aanwezig. Als zij er toch eens niet meer zouden zijn…

Ik sla de krant open en droom alvast over morgenochtend, als ik niet om 6 uur een fles hoef warm te maken voor ons jongste en vroegste vogeltje. Mijn ogen glijden vluchtig langs de koppen, ik neem nog een slok van mijn lauwe koffie, en dan word ik zelf opeens warm. Van schaamte.

‘Bruce kan niet naar vrienden’. Een moeder die haar baan heeft opgezegd. Gedwongen. Een vader die overspannen is geweest. En dat allemaal voor en door hun kind. Dagelijks brengen zij grote offers voor Bruce, die zo slecht tegen prikkels en onverwachte situaties kan. Die elke minuut van elke dag begeleid moet worden. Tot hij in bed ligt. Zusje moet zich aanpassen…

Opa en oma geen optie, vrienden niet geschikt… Continue loodzware zorg. Eén weekend in de maand is daar de deskundige logeeropvang. Wat een zegen. Wat een rust, 2 dagen lang. Om er weer 28, 29 dagen voor 100% tegenaan te  kunnen gaan…

En Bruce en zijn familie zijn geen uitzondering. Hoeveel ouders van (ernstig) gehandicapte kinderen hebben niet dezelfde worsteling? Jarenlang. Dag in, dag uit.

En dan nu dus voor Bruce het einde van deze maandelijkse logeerpartij. Niet meer te betalen…

Boosheid en onbegrip beheersen mijn gedachten. Heeft iemand in dat torentje in het westen een kind dat níet naar de internationale school gaat? Überhaupt ooit gevingerverfd met 3 peuters, ’s nachts een kotsbed verschoond, of als taxi langs logopedie, fysio en huisarts gecrost? Enig idee dat er ook nog een leven bestaat voor mensen die níet onafhankelijk kunnen zijn?

Maar de woede keert zich tegen mij. Vertel ík het ze? Heb ik een beter plan? Maak ik me er morgen nog druk over? Als ik spontaan even naar de stad wandel om een ijsje te halen? Of als ik volgende week weer 3 jongetjes van de glijbaan moet plukken, en vind dat het leven met gezonde kinderen fantastisch is?

Waar ben ik, soms klagend maar toch zeer gezegend mens, als ouders met een continu-rooster mij nodig hebben?

Steun het Platform EMG en word ook donateur!